Afgelopen week kwam het kerkbestuur van De Waterkant weer bij elkaar. Ook deze week vergadert het pastores team. We maken plannen, roosters, agenda’s, notulen en beleidsstukken. Dat is nodig. Er zijn vergaderingen van het kerkbestuur en de parochieraden, overleg in het pastorale team, roosters voor vieringen, afspraken over gebouwen, financiën, vrijwilligers en werkgroepen. Zonder structuur loopt een samenwerking vast.
Maar toch blijft er een vraag knagen: zijn wij vooral bezig om de kerk overeind te houden, of durven wij samen te bouwen aan een kerk die leeft? Want de kerk leeft niet van papier. De kerk leeft niet van vergaderingen. De kerk leeft niet van roosters, hoe noodzakelijk die ook zijn. De kerk leeft van Christus.
Afgelopen weekend zei Jezus in het evangelie: “Mijn schapen luisteren naar mijn stem.” Dat raakt mij. Wij luisteren naar zoveel stemmen. De stem van angst zegt: het wordt toch alleen maar minder. De stem van behoud zegt: laten we vasthouden aan wat we nog hebben. De stem van vermoeidheid zegt: ik kan niet meer. De stem van gewoonte zegt: zo hebben we het altijd gedaan. Maar Jezus spreekt anders. Zijn stem zegt niet: houd krampachtig vast. Zijn stem zegt: volg Mij. Niet terug naar vroeger, maar vooruit, met Mij.
Tijdens de Chrismamis vertelde de bisschop dat er dit jaar in ons bisdom tot nu toe al meer dan 160 jongeren zijn gedoopt. Dat vond ik prachtig. En eerlijk gezegd werd ik ook een beetje jaloers. Een goede jaloezie, hoop ik. Collega’s uit andere regio’s vertellen dat er nieuwe mensen komen: jongeren en volwassenen die geraakt worden door het geloof. Soms hoor ik zelfs dat jongeren uit onze eigen dorpen buiten onze regio naar de kerk gaan.
Dan doet dat iets met mij. Niet uit bezit, alsof mensen van “ons” zijn, maar omdat het een vraag stelt aan ons allemaal. Wat zoeken zij daar? Wat missen zij misschien bij ons? Vinden zij daar meer warmte? Meer vreugde? Meer geloof? Meer stilte? Meer duidelijkheid? Meer gemeenschap? Die vragen zijn spannend, maar we mogen ze niet ontwijken.
Er gebeurt veel goeds in onze parochies. Dat wil ik helder zeggen. Er zijn mensen die al jaren trouw dienen. Vrijwilligers die deuren openen, kaarsen aansteken, zingen, lezen, bezoeken, schoonmaken, organiseren, bidden en blijven komen. Mensen die met liefde klaarstaan. Zonder hen zou er veel niet mogelijk zijn. Zij zijn een groot geschenk. Daar ben ik dankbaar voor. Maar dankbaarheid mag ons niet in slaap laten vallen.
Trouw aan het verleden mag ons niet blind maken voor de toekomst. Wij zijn niet geroepen om alleen te bewaren wat er nog is. Wij zijn geroepen om de Blijde boodschap door te geven.
De samenwerking binnen De Waterkant mag daarom niet alleen gaan over het verdelen van wat schaarser wordt. Wie doet welke viering? Welke kerk is wanneer open? Hoe vullen we het rooster? Dat zijn belangrijke vragen, maar ze zijn niet genoeg. De diepere vraag is: hoe worden wij samen een kerk die straalt?
Eenheid betekent niet dat alle parochies hetzelfde moeten worden. Elk dorp heeft zijn eigen gezicht, geschiedenis en ziel. Maar eenheid betekent wel dat we ophouden met denken in eilandjes. Niet: mijn kerk, mijn viering, mijn groep. Maar: samen zijn wij Kerk van Christus in deze regio.
29 april 2026 Jaargang 10, nummer 17
Van de pastores…
Misschien moeten we bij elke vergadering, elk rooster en elk plan één vraag centraal zetten: helpt dit mensen dichter bij Christus te komen? Helpt dit om geloof te laten groeien? Maakt dit onze kerk warmer, opener, levender? Want een kerk die alleen organiseert, wordt moe.
De toekomst van De Waterkant ligt niet alleen in onze plannen. Zij begint niet met een nieuw document, maar met een nieuw vuur in ons hart. En dat vuur wordt aangestoken waar mensen samen luisteren naar de Goede Herder. Dan worden onze kerken geen plaatsen van heimwee, maar plaatsen van leven. Niet omdat wij zo sterk zijn, maar omdat Hij leeft. Van overleven naar leven.
Gods zegen toegewenst en hartelijk groeten, Pastoor Álvaro
