Hij is al 1600 jaar dood, maar wat hij de Kerk heeft nagelaten is nauwelijks naar waarde te schatten. Vandaar dat paus Franciscus bij zijn 1600ste sterfdag een apostolische brief heeft gewijd aan de man aan wie wij ‘onze’ Bijbel te danken hebben: de heilige Hiëronymus (345-420).

Hieronymus was een bijzonder intelligente man. Na zijn jeugd in Stridon op de Balkan, stort hij zich op de retorica en de Latijnse klassieken. In die tijd is de Bijbel eigenlijk te min voor zijn verfijnde literaire smaak. Maar als de Heer hem in een droom duidelijk maakt dat er belangrijker dingen in het leven zijn dan zijn hartstochtelijke liefhebberij van de klassieke literatuur, brengt dit Hiëronymus ertoe zich zijn verdere leven lang volledig aan Christus en zijn Woord te wijden, en de Schriften zo toegankelijk mogelijk te maken voor anderen.

Na omzwervingen trekt hij zich naar het voorbeeld van het oosterse monnikendom met enkele vrienden terug in de woestijn voor een leven van radicale ascese en de studie van de bijbelse talen, eerst Grieks en vervolgens Hebreeuws. De woestijn ervaart hij als een plaats van ontmoeting met God, waar hij zichzelf en anderen steeds beter zou leren begrijpen. 

Ook als priester werpt hij zich met tomeloze energie en doorzettingsvermogen op zijn vaak moeizame taak. Vanwege zijn grote kennis wordt hij een van de naaste medewerkers van paus Damasus. Tegelijk blijft hij de eenvoud zoeken in een gemeenschap van streng evangelisch leven en studie van de Schrift. Uiteindelijk vestigt hij zich in Bethlehem, vlakbij de geboortegrot van Jezus, waar hij doorgaat met het vertalen en becommentariëren van de Schrift, maar waar hij ook pelgrims opvangt in zijn verlangen om zoveel mogelijk mensen God te laten ontmoeten.

Hiëronymus’ jaren in Bethlehem zijn de vruchtbaarste van zijn leven. Hij vertaalde er onder meer het gehele Oude Testament vanuit het oorspronkelijke Hebreeuws in alledaags Latijn. Tot dan was de Bijbel alleen in het Grieks in zijn geheel te lezen. Voor lezers van het Latijn was er geen volledige versie van de Bijbel in hun taal. Hiëronymus’ vertaling werd snel het gemeenschappelijke erfgoed van zowel geleerden als gewone gelovigen. Middeleeuws Europa leerde ermee lezen, bidden en denken. De literatuur, de kunst en zelfs populaire taal zijn er voortdurend door gevormd.

Overigens betrok Hiëronymus ook vrouwen bij de studie van het Hebreeuws. Zij werden opgenomen in het selecte gezelschap van vertalers en leerden, ongehoord in die dagen, de Psalmen in de oorspronkelijke taal lezen en zingen.

De spiritualiteit van Hiëronymus onderscheidt zich in diens hartstochtelijke liefde voor het Woord van God. Hij bestudeerde de heilige Schrift louter en alleen om Christus steeds beter te leren kennen. Hiëronymus benadrukt daarbij het nederige karakter van Gods openbaring, neergelegd in de ruwe en bijna primitieve taal in vergelijking met het het verfijnde klassieke Latijn. Bewust van zijn beperkingen, vroeg hij om constant gebed voor zijn inspanningen om de heilige teksten “in de zelfde Geest te vertalen door wie zij werden geschreven”. Hij leert ons dat niet alleen de evangeliën en de apostolische traditie, maar dat het hele Oude Testament onmisbaar is voor het begrijpen van Christus. Zonder het Oude Testament kunnen we de persoon van de Zoon van God, de Messias en Verlosser niet volledig begrijpen.

Paus Franciscus wijst erop dat veel mensen, waaronder ook praktiserende christenen, erkennen dat ze de Bijbel niet goed kunnen lezen, omdat de bijbelse taal, uitdrukkingswijzen en de oude culturele tradities hen vreemd zijn. Dit maakt de tussenkomst van een ‘tolk’ noodzakelijk, zoals Filippus voor de Eneuch de Schrift ontsloot (Handelingen 8, 26-40). Hiëronymus kan onze gids zijn, omdat ook hij de lezer naar Jezus leidt.

Paus Franciscus hoopt dat alle gelovigen steeds beter in staat worden om te putten uit de rijkdommen van de Bijbel. De paus stelde daarom de Zondag van het Woord van God in (derde zondag van het kerkelijke jaar), die op 26 januari 2020 voor het eerst werd gevierd.

Hiëronymus kan ons tot voorbeeld zijn, benadrukt de paus. Door zijn ijverige studie en zijn onophoudelijke bemediteren van de Schrift werd zijn hart “een bibliotheek van Christus”. Kijkend naar de religieuze boekenplanken of webpagina’s van vandaag, is het voor jonge mensen moeilijk te begrijpen dat de zoektocht naar religieuze waarheid een hartstochtelijk avontuur kan zijn dat hart en geest verenigt. 

De paus wil hen daarom uitdagen om zich in het christelijk erfgoed te verdiepen. Hij roept hen op om die schat in bezit te nemen, de blik te richten op de jonge Hiëronymus die, net als de koopman in Jezus’ gelijkenis, alles verkocht wat hij had om de “parel van grote waarde” te kopen (Matteüs 13, 45-46). Want hoe kunnen we in onze tijd niet luisteren naar het advies dat Hiëronymus onophoudelijk aan zijn tijdgenoten gaf: “Lees voortdurend de goddelijke Schrift; laat het nooit uit je handen vallen.”

Bron: https://www.katholiekleven.nl/artikelen/actuele-artikelen/de-man-aan-wie-wij-onze-bijbel-danken

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *